27Vaste activa in aanbouw en vooruitbetalingen
FRImmobilisations corporelles en cours et acomptes versés
Wanneer gebruiken
Materiële vaste activa in aanbouw of in montage, en vooruitbetalingen voor de aankoop van materiële vaste activa. Voorbeelden: vorderingsstaten van een aannemer voor een nieuw gebouw, een voorschot bij de bestelling van een machine. Bij voltooiing of levering wordt het bedrag overgeboekt naar 22, 23 of 24.
Advies van de uitgever · gesteund op MAR, voetnoot (6); CBN 2017/18; CBN 2015/4
Reeds gefactureerde werken mogen worden afgeschreven zodra ze op 27 staan of pas bij de voltooiing; die keuze staat in de waarderingsregels, en een eventuele kapitaalsubsidie wordt in hetzelfde ritme in resultaat genomen.
Twijfelt u met een andere rekening?
In de jaarrekening
Post en code van het neerleggingsmodel van de Nationale Bank van België.
- Alle schema’sActiva › Vaste activa › Materiële vaste activaActiva in aanbouw en vooruitbetalingen27
Adviezen van de Commissie voor Boekhoudkundige Normen
Officiële adviezen die deze rekening vermelden (volledige tekst op de website van de CBN).
- 2018/17Schulden gewaarborgd door een zakelijke zekerheid – Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingenCBN-advies · 2018
- 2017/18Afschrijving van materiële vaste activa in aanbouw en vooruitbetalingen - Inresultaatname van kapitaalsubsidiesCBN-advies · 2017
- 152/1Boekingen van deviezenverrichtingen en verwerking van tegoeden en verplichtingen in deviezen in de jaarrekeningCBN-advies · 1987
Voetnoten van de wettekst
(6)Bij deze rekening of bij de onderverdelingen ervan in het rekeningenstelsel van de onderneming horen de volgende subrekeningen: 1° aanschaffingswaarde; 2° geboekte meerwaarden; 3° geboekte afschrijvingen of waardeverminderingen, met respectievelijk 0, 8 en 9 als laatste cijfer van het nummer van de subrekening. De ondernemingen mogen evenwel de geboekte meerwaarden, afschrijvingen en waardeverminderingen groeperen in rekeningen met respectievelijk als nummer 218 en 219, 228 en 229, 238 en 239, 248 en 249, 258 en 259, 268 en 269, 278 en 279. In dat geval moeten in die rekeningen de soorten van activa waarop de meerwaarden, afschrijvingen, waardeverminderingen betrekking hebben afzonderlijk worden vermeld volgens de onderscheidingen bepaald in het rekeningenstelsel van de onderneming. Wat betreft de immateriële vaste activa is het 2° hierboven slechts van toepassing voor de meerwaarden geboekt vóór het boekjaar dat ingaat na 31 december 1983.