764-768Andere niet-recurrente bedrijfsopbrengsten
FRAutres produits d'exploitation non récurrents
Wanneer gebruiken
Bedrijfsopbrengsten die buiten de gewone bedrijfsuitoefening vallen en geen andere niet-recurrente rekening hebben: bijvoorbeeld de inresultaatname, door een nieuw opgerichte vennootschap, van opbrengsten van afgesloten boekjaren van haar oprichter wanneer die niet tot haar gewone bedrijfsuitoefening behoren. De onderneming kan deze rekeningen volgens de aard van de opbrengsten onderverdelen.
Advies van de uitgever · gesteund op KB WVV, art. 3:90, I.E; CBN 2016/24; CBN 2018/23
Bedrag en aard van deze opbrengsten worden in de toelichting uitgesplitst wanneer ze een uitzonderlijke omvang of impact hebben.
Twijfelt u met een andere rekening?
In de jaarrekening
Post en code van het neerleggingsmodel van de Nationale Bank van België.
- Volledig schemaResultatenrekening › BedrijfsopbrengstenNiet-recurrente bedrijfsopbrengsten76A
- Verkort schema · MicroschemaResultatenrekening › BrutomargeNiet-recurrente bedrijfsopbrengsten76A
Wat het koninklijk besluit zegt
Rubriek I.FNiet-recurrente bedrijfsopbrengsten
microschema) Onder die post worden de opbrengsten opgenomen die een bedrijfskarakter hebben maar geen verband houden met de gewone bedrijfsuitoefening van de VZW, IVZW of stichting:
1° de terugneming van afschrijvingen en van waardeverminderingen op immateriële en materiële vaste activa. Onder die post worden opgenomen:
Verder lezen
a) de met toepassing van artikel 3:39, § 1, derde lid, en artikel 3:42, § 1, derde lid, verrichte terugnemingen van afschrijvingen die tijdens een vorig boekjaar werden geboekt;
b) de terugnemingen van waardeverminderingen die tijdens een vorig boekjaar werden geboekt op immateriële en materiële vaste activa en die te hoog zijn gebleken;
2° de terugneming van voorzieningen voor niet-recurrente bedrijfsrisico's en kosten die tijdens een vorig boekjaar werden gevormd en die te hoog zijn gebleken, tenzij het gaat om voorzieningen die werden gevormd voor risico's en kosten die verband houden met de gewone bedrijfsuitoefening van de VZW, IVZW of stichting;
3° de meerwaarden die worden verwezenlijkt bij de realisering van materiële en immateriële vaste activa. Gaat het om materiële vaste activa, dan mogen deze meerwaarden onder de post "I. E. Andere bedrijfsopbrengsten" worden opgenomen wanneer de realisatie kadert in de gewone bedrijfsuitoefening van de VZW, IVZW of stichting; dit laatste zal blijken uit de regelmaat waarmee dergelijke activa worden gerealiseerd en het normale karakter ervan;
4° de andere niet-recurrente bedrijfsopbrengsten.
Ruimere rubrieken die deze rekening ook omvatten
Rubriek I.A.BBrutomarge
Deze post uit de resultatenrekening van het verkort en microschema bedoeld in bijlage 7, beantwoordt aan de algebraïsche som van de volgende posten uit het volledig schema van de resultatenrekening:
I. A. Omzet;
Verder lezen
I. B. Wijziging in de voorraad goederen in bewerking en gereed product en in de bestellingen in uitvoering;
I. C. Geproduceerde vaste activa;
I. D. Lidgeld, schenkingen, legaten en subsidies;
I. E. Andere bedrijfsopbrengsten;
I. F. Niet-recurrente bedrijfsopbrengsten;
II. A. Handelsgoederen, grond- en hulpstoffen;
II. B. Diensten en diverse goederen;